Kabinet kiest voor gefaseerde zzp‑wetgeving, wat betekent dit voor de bouwsector?
Het nieuwe kabinet kiest voor een andere, meer stapsgewijze aanpak van de zzp‑wetgeving. Daarmee moet er meer rust en duidelijkheid ontstaan op de werkvloer, zowel voor zelfstandige vakmensen als voor opdrachtgevers. In dit artikel zetten we de ontwikkelingen op een rij en geven we inzicht in wat deze veranderingen in de praktijk betekenen.
Samenvatting
- De regels voor zzp’ers worden gefaseerd ingevoerd: eerst een rechtsvermoeden van werknemerschap, later de nieuwe Zelfstandigenwet.
- De verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering (BAZ) blijft bestaan; overstappen naar een private verzekering blijft mogelijk.
- Voor de bouwsector betekent dit meer helderheid, minder onzekerheid en behoud van ondernemerschap.
- De nieuwe aanpak moet de spanning rond mogelijke naheffingen bij opdrachtgevers verminderen.
- De voorstellen zitten nu in de pre‑consultatiefase; praktijkervaringen worden nadrukkelijk meegenomen.
Twintig jaar discussie: van VAR tot VBAR
De discussie over de positie van zzp’ers loopt al ruim twintig jaar. De VAR gaf ooit schijnzekerheid, wat in diverse sectoren – ook binnen de bouw – leidde tot situaties van schijnzelfstandigheid. De Wet DBA moest dat oplossen, maar bracht vooral onzekerheid, mede doordat er jaren nauwelijks werd gehandhaafd. In 2025 veranderde dat alsnog. De VBAR werd vervolgens ontwikkeld, maar bleek in de praktijk te complex.
Het nieuwe kabinet kiest daarom voor een koers die beter aansluit op hoe er daadwerkelijk gewerkt wordt in de bouw en civiele techniek. Dat kan professionals en opdrachtgevers eindelijk meer rust geven.
De nieuwe aanpak: twee fases
Het kabinet wil de nieuwe regels in twee stappen invoeren.
Fase 1: Rechtsvermoeden van werknemerschap
Er komt een regeling die zelfstandigen met een lager uurtarief extra bescherming biedt. Daarnaast worden per sector regels opgesteld voor branches waar het risico op schijnzelfstandigheid groter is. Ook wordt een toetsingscommissie ingericht waar praktijkvragen vooraf kunnen worden voorgelegd. Dat moet meer voorspelbaarheid bieden bij het inzetten van zelfstandigen.
Fase 2: De Zelfstandigenwet
De Zelfstandigenwet richt zich op twee hoofdvragen:
1. Ondernemerstoets
- Werk je voor meerdere opdrachtgevers?
- Investeer je zelf in materialen, gereedschap en middelen?
- Organiseer je je werkzaamheden zelfstandig?
2. Werkrelatietoets
- Heb je ruimte om je werk naar eigen inzicht uit te voeren?
- Kun je je werktijden en werkwijze zelf bepalen?
Deze toetsen sluiten beter aan bij de manier waarop vakmensen in de bouw werken: projectmatig, zelfstandig en met een duidelijke verantwoordelijkheid voor hun eigen werkwijze.
Verplichte verzekeringen blijven bestaan
De arbeidsongeschiktheidsverzekering (BAZ) blijft verplicht. Zelfstandigen kunnen wel kiezen voor een private verzekering als die beter aansluit bij hun situatie. De basis blijft dus gewaarborgd, terwijl er ruimte blijft voor maatwerk.
Wat betekent dit voor de bouwsector?
De voorgestelde aanpak biedt vooral meer duidelijkheid en minder onzekerheid.
Voor zzp’ers
- Meer inzicht in wat binnen de wetgeving wel en niet wordt gezien als zelfstandig ondernemerschap.
- Ruimte om het werk zelfstandig en flexibel te blijven uitvoeren.
- Verplichte pensioen- en AOV‑voorzieningen zorgen voor een stabieler vangnet.
Voor opdrachtgevers
- Minder kans op onverwachte naheffingen.
- Helderheid over de manier waarop zelfstandigen kunnen worden ingezet.
- Minder risico op discussie over schijnzelfstandigheid.
Verwachting: markt kan herstellen
Het afgelopen jaar was er terughoudendheid bij opdrachtgevers door de hernieuwde handhaving vanuit de Belastingdienst. Het aantal opdrachten voor zzp’ers bereikte zelfs het laagste niveau sinds 2022. Met een duidelijker wettelijk kader moet die situatie verbeteren. De verwachting is dat de markt meer vertrouwen krijgt en opdrachten weer toenemen.
Praktische gevolgen op de werkvloer
In de bouw wordt vrijwel altijd projectmatig gewerkt: je komt binnen, voert het werk uit en gaat door naar het volgende project. Veel vakmensen kiezen bewust voor die manier van werken. De Zelfstandigenwet sluit beter aan op deze realiteit.
In plaats van complex juridisch jargon gaat het straks vooral om twee kernvragen: handel je als ondernemer, en krijg je voldoende ruimte om je werk op jouw manier te doen? Voor veel professionals binnen de bouw sluit dat aan bij de dagelijkse praktijk.
Timing en vervolgstappen
De Zelfstandigenwet bevindt zich nu in de pre‑consultatiefase. Professionals, bedrijven en brancheorganisaties kunnen hun visie en praktijkervaring delen. Daarna volgen advies van de Raad van State en behandeling in het Parlement.
Voor een sector die sterk leunt op continuïteit en vakmanschap is duidelijke wetgeving belangrijk. De afgelopen jaren zorgden onzekerheden voor druk op de markt; een stabiel kader kan helpen om vooruit te kijken.
Wat betekent dit concreet voor jou?
Ben je zzp’er?
- Houd rekening met de verplichte verzekeringen.
- Bekijk of je volgens de nieuwe toetsen als ondernemer werkt.
- Verwacht meer helderheid bij het aangaan van nieuwe opdrachten.
Ben je opdrachtgever?
- Het risico op onduidelijkheden achteraf wordt kleiner.
- Je kunt vooraf scherper beoordelen of iemand als zelfstandig professional kan worden ingezet.
- Hierdoor ontstaat meer rust bij het inhuren van zzp’ers.
Mocht je vragen hebben over wat deze ontwikkelingen betekenen voor jouw projecten of loopbaan, dan denken we graag met je mee.